Deze website maakt gebruik van cookies. Op deze manier kunnen we u een meer gepersonaliseerde dienstverlening bieden. Door het gebruik van deze website gaat u akkoord met het feit dat wij 'cookies' gebruiken. Lees onze privacy policy voor meer informatie over het gebruik van cookies en hoe u deze kunt deleten en blokkeren.
  • De eerste impact van Brexit op het vrij verkeer van werknemers wordt binnenkort verwacht!

De eerste impact van Brexit op het vrij verkeer van werknemers wordt binnenkort verwacht!

07 december 2020

Sinds 1 februari 2020 maakt het Verenigd Koninkrijk geen deel meer uit van de Europese Unie. Overeenkomstig het tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk gesloten terugtrekkingsakkoord (Raad, 2019/C 384 I/01) blijft echter alle Europese wetgeving tot eind 2020 van toepassing. Tijdens deze overgangsperiode blijven de Europese verordeningen betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels (hierna "de verordeningen" genoemd) dus volledig van toepassing op grensoverschrijdende tewerkstellingssituaties waarbij EU-lidstaten en het Verenigd Koninkrijk betrokken zijn.

We komen nu aan het einde van de overgangsperiode. Om de impact van de Brexit op de bepaling van de bevoegde staat op het vlak van de sociale zekerheid vanaf 1 januari 2021 volledig te begrijpen, moeten twee soorten situaties worden onderscheiden.

 

Grensoverschrijdende tewerkstellingssituaties waarbij een EU-lidstaat en het Verenigd Koninkrijk betrokken zijn en die vóór 1 januari 2021 zijn begonnen

Op basis van het beginsel van het verworven recht voorziet het terugtrekkingsakkoord in de verdere toepassing van de verordeningen betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels op personen die vóór 1 januari 2021 reeds in een grensoverschrijdende tewerkstellingssituatie met een of meer lidstaten en het Verenigd Koninkrijk verkeerden, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan:

 

Bij de grensoverschrijdende tewerkstellingssituatie zijn een of meer lidstaten en het Verenigd Koninkrijk betrokken

Dit geldt voor alle grensoverschrijdende tewerkstellingssituaties waarbij het Verenigd Koninkrijk betrokken is en waarvoor de verordeningen voorzien in een collisieregel.

In de regel worden deze situaties gemeld aan het bevoegde orgaan van de lidstaat van de woonplaats en kunnen zij worden geattesteerd door middel van het A1-formulier. Ook als deze formaliteiten niet zijn vervuld, blijven de verordeningen van toepassing.

Hieronder volgen voorbeelden van dergelijke situaties:

  • Een handelsvertegenwoordiger die namens zijn Belgische werkgever klanten bezoekt in België (40%), Frankrijk (30%) en het Verenigd Koninkrijk (30%) sinds 2018.
  • Een vertegenwoordiger van een Brits bedrijf dat sinds januari 2020 ook in Amsterdam werkzaam is en in België woont.
  • Een ingenieur gedetacheerd door zijn Britse werkgever bij een klant in Brussel in de periode van 15 september 2020 tot 15 maart 2021.

 

De situatie is uiterlijk op 31 december 2020 begonnen

Er is geen voorafgaande minimumduur. De grensoverschrijdende situatie zou dus op 31 december 2020 kunnen beginnen.

 

De grensoverschrijdende tewerkstellingssituatie is ononderbroken

In principe maakt elke onderbreking, ongeacht de duur ervan, een einde aan de verworven rechten. Er is sprake van een onderbreking als alle elementen van de situatie zich op een bepaald moment uitsluitend in de lidstaten of uitsluitend op het grondgebied van het Verenigd Koninkrijk bevinden.

Merk op dat gelijkgestelde situaties (ziekte, loopbaanonderbreking met uitkeringen, enz.) in principe niet als een onderbreking worden beschouwd. Hetzelfde geldt voor betaalde jaarlijkse vakantie.

De verworven rechten die onder het terugtrekkingsakkoord vallen, komen niet in het gedrang als verschillende grensoverschrijdende tewerkstellingssituaties elkaar in een ononderbroken periode opvolgen.

Zo worden bijvoorbeeld de volgende situaties als ononderbroken situaties beschouwd:

  • Een architect woont en werkt in België. Tegelijkertijd werkt ze sinds 2012 voor een bedrijf in het Verenigd Koninkrijk. In maart 2021 besluit ze naar het Verenigd Koninkrijk te verhuizen om haar activiteit als architect voort te zetten met 30% in België en 70% in het Verenigd Koninkrijk.
  • Een IT-consultant werkt voor 50% in Londen en 50% in Amsterdam, waar hij sinds 2019 woont. In januari 2021 neemt hij 3 weken ziekteverlof na een operatie aan zijn hand.
  • Een werknemer wordt door zijn Britse werkgever naar Frankrijk gedetacheerd van 1 september 2020 tot 28 februari 2021. Vanaf 1 maart 2021 wordt hij door een Belgisch bedrijf ingehuurd en werkt hij 50% van zijn tijd in Brussel en 50% van zijn tijd vanuit zijn woonplaats in het Verenigd Koninkrijk.

 

Grensoverschrijdende tewerkstellingssituaties waarbij een EU-lidstaat en het Verenigd Koninkrijk betrokken zijn en die op of na 1 januari 2021 zijn begonnen

Bij gebrek aan een andere overeenkomst met het Verenigd Koninkrijk, waar de tewerkstellingssituatie na afloop van de overgangsperiode is begonnen of onderbroken, zal de nationale wetgeving van de betrokken staten alle gevolgen hebben. Dit kan ertoe leiden dat een werknemer niet verzekerd is in een van de betrokken staten, of dat hij verplicht is om in verschillende staten sociale premies te betalen voor hetzelfde loon.

Het Verenigd Koninkrijk zal immers als een "derde staat" moeten worden beschouwd en de Britse onderdanen als "onderdanen van derde landen".

In geval van gelijktijdige tewerkstelling in een of meer lidstaten en het Verenigd Koninkrijk is er geen gemeenschappelijk algemeen beginsel van toepassing. Alle aspecten zullen geval per geval  moeten worden geanalyseerd.

Indien een werknemer door zijn of haar Britse werkgever naar België wordt gedetacheerd, valt hij of zij in principe niet onder de Belgische werknemersregeling, ongeacht de duur van de detachering. Artikel 3 van de Belgische wet van 27 juni 1969 betreffende de sociale zekerheid bepaalt dat een werknemer enkel onderworpen is aan de Belgische sociale zekerheid indien hij of zij op Belgisch grondgebied werkt voor een in België gevestigde werkgever (of indien hij of zij verbonden is aan een Belgische vestiging van een in het buitenland gevestigde werkgever).

Deze regel is echter alleen van toepassing wanneer de werknemer voor de gehele duur van de detachering onder het exclusieve gezag van zijn of haar Britse werkgever blijft. Om in aanmerking te komen voor bovengenoemd artikel 3 zal dus moeten worden nagegaan en bewezen dat niet is voldaan aan de voorwaarden om in België aan de sociale zekerheid te worden onderworpen. Een attest waaruit blijkt dat niet aan deze voorwaarden is voldaan, kan per e-mail worden aangevraagd bij de RSZ ([email protected]).

Een werknemer die vanuit België naar het Verenigd Koninkrijk wordt gedetacheerd, blijft in België onderworpen aan de sociale zekerheid voor een periode van maximaal 6 maanden, die met nog eens 6 maanden kan worden verlengd. Na deze periode zal de werknemer in principe onderworpen zijn aan de sociale zekerheid in het Verenigd Koninkrijk.

 

Aandachtspunt

De eerste impact van de Brexit op het vrij verkeer van werknemers zal binnenkort verschijnen! Bedrijven die betrokken zijn bij grensoverschrijdende arbeidssituaties met het Verenigd Koninkrijk zullen zich hiervan vanaf begin 2021 bewust moeten zijn.

 

Contact

BDO kan u helpen als u vragen heeft. Aarzel niet om contact op te nemen met een van onze experten sociaal recht: