• Nieuwigheden op vlak van btw in 2020

Nieuwigheden op vlak van btw in 2020

17 januari 2020

Vanaf  1 januari 2020 zijn de zogenaamde ‘quick fixes’ in werking getreden in België.

Wij verstrekken u graag een overzicht van de voornaamste wijzigingen.

Voorwaarde voor de vrijstelling voor intracommunautaire levering van goederen

De leveringen van goederen zijn vrijgesteld van btw als intracommunautaire levering op voorwaarde dat de afnemer beschikt over een geldig btw-identificatienummer toegekend door een andere EU-lidstaat dan België en de leverancier het bewijs kan leveren van vervoer van België naar een andere EU-lidstaat.

 

Geldig btw-identificatienummer

Met ingang van 1 januari 2020 is het opgeven van een geldig btw-identificatienummer van de afnemer een materiële voorwaarde voor toepassing van de vrijstelling geworden. Voorheen was dit slechts een formele voorwaarde. Voortaan kan de vrijstelling voor intracommunautaire leveringen dus worden geweigerd wanneer men niet over een geldig btw-identificatienummer van de afnemer beschikt dat werd toegekend door een andere EU-lidstaat.

Het is daarom aangewezen om de nodige procedures in te voeren met het oog op de controle van de geldigheid van het btw-identificatienummer van de afnemer alvorens de factuur uit te reiken.

 

Vereenvoudigde bewijsvoering inzake transport

Het vervoer van de goederen naar een andere EU-lidstaat moet worden aangetoond door een geheel van gebruikelijke en overeenstemmende documenten (onder meer contracten, bestelbonnen, facturen, betalingsdocumenten, CMR documenten, …).

Het KB nr. 52 werd aangepast met aanduiding van welke bewijsstukken er voorhanden moeten zijn, afhankelijk van wie het transport verricht of voor zijn rekening laat verrichten (cf. de leverancier, dan wel de koper).

In dit verband werd de bestaande administratieve tolerantie bestaande uit het gebruik van het zogenaamde bestemmingsdocument nu ook uitdrukkelijk voorzien in het KB nr. 52.

 

Kettingverkopen

Er is sprake van kettingverkopen wanneer meerdere partijen betrokken zijn in opeenvolgende leveringen van goederen, waarbij de goederen echter onmiddellijk van de eerste partij in de ketting worden vervoerd naar de laatste partij in deze ketting.

Ingeval van dergelijke kettingverkopen kan slechts één van de verkopen worden gekwalificeerd als een levering van goederen met vervoer. De andere verkopen worden bijgevolg automatisch gelokaliseerd op de plaats van terbeschikkingstelling van de goederen, hetzij in de Lidstaat van vertrek van de goederen, hetzij in de Lidstaat van aankomst van de goederen. Het is bijgevolg essentieel om het vervoer toe te kunnen wijzen aan één van de verkooprelaties in de ketting. Wanneer het vervoer wordt verricht door of voor rekening van de tussenpersoon (wanneer er bv. 3 partijen (A, B, C) betrokken zijn) kon dit aanleiding geven tot discussie aangezien de lidstaten hiervoor verschillende regels hanteerden.

De nieuwe regeling schrijft daarom voor dat het vervoer door of voor rekening van de tussenpersoon (B), uitsluitend toegeschreven wordt aan de levering aan die laatste. Dit is doorgaans de eerste levering in de ketting. Indien de tussenpersoon echter een btw-identificatienummer van de lidstaat van verzending (A) opgeeft, wordt het intracommunautaire goederentransport toegerekend aan de levering door de tussenpersoon (B) aan zijn afnemer (C).

 

‘Call-off stock’-regeling

Met ‘call-off stock’ wordt de situatie bedoeld waarbij de leverancier op tijdstip van het vervoer van de goederen naar een andere lidstaat reeds de identiteit kent van de persoon die de goederen zal aankopen. De eigendom van de goederen gaat pas in een later stadium en na aankomst van de goederen in de andere lidstaat over naar de afnemer van de goederen. Dit impliceert in principe een verplichte btw-registratie in Lidstaat van aankomst van de goederen teneinde aldaar een intracommunautaire verwerving aan te geven gevolgd door een lokale levering van goederen.

België (alsook andere EU-lidstaten) kende al een ‘call-off stock’-regeling waarbij de leverancier onder bepaalde voorwaarden ontheven wordt van de verplichting tot Belgische btw-identificatie. Sinds 1 januari 2020 zijn de voorwaarden en formaliteiten voor de toepassing van de regeling geharmoniseerd over de EU lidstaten, teneinde een btw-registratie in de Lidstaat van aankomst te vermijden.

Bij vervulling van de voorwaarden kan de handeling als een intracommunautaire levering worden beschouwd in hoofde van de leverancier in Lidstaat van vertrek en als een intracommunautaire verwerving in hoofde van de afnemer in Lidstaat van aankomst van de goederen.

 

Nieuwe opgave van intracommunautaire handelingen

De opgave van intracommunautaire handelingen bestaat voortaan uit 2 delen. Het eerste gedeelte heeft betrekking op de gegevens die reeds moesten worden meegedeeld in de vorige versie (btw-identificatienummer van de afnemer, maatstaf van heffing, code L, S of T). Het tweede gedeelte heeft betrekking op de gegevens die voortaan moeten worden meegedeeld met betrekking tot de regeling inzake voorraad op afroep, ofwel ‘call-off stock’.

 

Contact

Vragen over de nieuwe regels vanaf 1 januari 2020? Aarzel niet om onze experten van het btw-team te contacteren via uw gebruikelijke contactpersoon of via [email protected]: