2...8 Herwaardering van onroerende investeringsgoederen

De boekhoudkundige verwerking vertrekt uit het principe dat de uitgedrukte meerwaarde niet gerealiseerd is. Dit betekent dat de uitgedrukte vermogensaanwending op het actief (Meerwaarde op…) gecompenseerd wordt door de vermogensbron op het passief (Herwaarderingsmeerwaarden).

Indien het geherwaardeerde materieel vast actief een beperkte levensduur heeft, neemt de meerwaarde af door het technisch en economisch verouderingsproces. Aangezien deze afschrijvingskost tot uitdrukking gebracht moet worden, verplicht artikel 57 van het KB van 30/01/2001 om op basis van de geherwaardeerde waarde af te schrijven.

Let op, de afschrijvingen op meerwaarde worden fiscaal niet aanvaard.

Gegevens :

  • In de boeken van vennootschap X staat een bebouwd onroerend goed voor een boekwaarde van 500.000 EUR;
  • Er wordt op het gebouw een herwaarderingsmeerwaarde van 1.000.000 EUR uitgedrukt;
  • Deze herwaarderingsmeerwaarde wordt tijdens het boekjaar omgezet in kapitaal ten belope van 75% (het percentage dat overblijft na aftrek van het vennootschapsbelastingpercentage 25%);
  • Op het moment van herwaardering heeft het gebouw nog een waarschijnlijke gebruiksduur van 10 jaar;
  • De vennootschap wijzigt het oorspronkelijke afschrijvingsplan niet.

Journaalposten

Journaalpost bij de herwaardering :

D/CRekeningOmschrijvingDebetCredit
D2218Gebouwen: Geboekte meerwaarden1.000.000
C121Herwaarderingsmeerwaarden op materiële vaste activa
1.000.000

Journaalpost bij de afschrijvingen :

D/CRekeningOmschrijvingDebetCredit
D630Afschrijvingen en waardeverminderingen op vaste activa150.000
C22109Geboekte afschrijvingen op aanschaffingswaarde
50.000
C22189Geboekte afschrijvingen op meerwaarde
100.000
en
D121Herwaarderingsmeerwaarden op materiële vaste activa100.000
C133Beschikbare reserves
100.000

Overeenkomstig artikel 57, § 3, 1° KB W.Venn. mag een herwaarderingsmeerwaarde tot het beloop van de op de meerwaarde geboekte afschrijvingen worden overgeboekt naar een reserve. De Commissie is van oordeel dat deze overboeking aan te bevelen is omdat daardoor een getrouwer beeld wordt gegeven van de vermogenstoestand van de onderneming. Ten belope van de geboekte afschrijvingen gaat het immers niet meer om een louter uitgedrukte meerwaarde, maar om een via het resultaat geboekte vermogensaangroei.

Vermits deze overboeking los staat van de verwerking van het resultaat mag zij rechtstreeks geschieden zonder via de staat van de verwerking van het resultaat te gaan. Het betreft een mutatie binnen het eigen vermogen met tegenboeking in een balanspost.