Wie valt onder deze nieuwe regelgeving?
Zowel inwoners als niet-inwoners onderworpen aan de Belgische rechtspersonenbelasting vallen onder de verstrengde regelgeving. De toepassing is beperkt tot entiteiten van de “tweede” en “derde” categorie, zoals bedoeld in artikel 220, 2° en 3° WIB92.Samengevat betreft dit alle entiteiten onderworpen aan de rechtspersonenbelasting, met uitzondering van:
- een aantal publiekrechtelijke rechtspersonen zoals de Staat, de Gemeenschappen en Gewesten, de provincies, de agglomeraties, de federaties van gemeenten, de gemeenten, de OCMW’s, de openbare kerkelijke instellingen, de hulpverleningszones, de politiezones en de polders en wateringen;
- verenigingen zonder rechtspersoonlijkheid (“feitelijke verenigingen”) die vrijwillig geopteerd hebben voor de toepassing van de rechtspersonenbelasting voor ten minste 6 opeenvolgende belastbare tijdperken.
Regelgeving
Personenwagens of gelijkgestelde voertuigen die vóór 1 januari 2026 werden aangekocht, geleased of gehuurd blijven onder de oude regeling vallen.
“Oude regeling” (van toepassing op voertuigen* aangekocht / geleased / gehuurd vóór 1/1/2026).
Entiteiten onderworpen aan de rechtspersonenbelasting werden tot op heden niet belast op hun autokosten. Enkel wanneer een wagen ter beschikking werd gesteld aan een werknemer of bestuurder voor privégebruik, was er een belasting verschuldigd op (17% of 40% van) het voordeel van alle aard.
“Nieuwe regeling” (van toepassing op voertuigen* aangekocht / geleased / gehuurd vanaf 1/1/2026)
Net zoals onder de oude regeling blijft het voordeel van alle aard op dezelfde wijze als vroeger belastbaar. Nieuw is dat voor vanaf 2026 aangekochte, geleasede of gehuurde niet-emissievrije voertuigen (incl. hybride wagens) alle autokosten (afschrijvingen, lease-/huurkosten, verzekeringen, onderhoud, verkeersbelasting, etc.) belastbaar worden in de rechtspersonenbelasting.
Voor in 2026 verworven emissievrije voertuigen blijven de kosten volledig aftrekbaar. Voor nadien gekochte, geleasede of gehuurde wagens wordt de aftrek, afhankelijk van het jaar van verwerving, geleidelijk beperkt.
Hieronder vind je een samenvattend overzicht:
Het aftrekbaarheidspercentage, zoals opgenomen in bovenstaande tabel, geldt gedurende de volledige levensloop van het voertuig.
Om dubbeltellingen te vermijden, worden autokosten enkel in aanmerking genomen voor zover zij hoger zijn dan het (in voorkomend geval) bij de genieter belastbare voordeel van alle aard en de door hem betaalde eigen bijdrage. Het belastbaar voordeel van alle aard mag met andere woorden worden afgetrokken van de autokosten om het in hoofde van de rechtspersoon te belasten bedrag te bepalen.
Kosten die worden terugbetaald voor dienstverplaatsingen met de eigen wagen dienen niet opgenomen te worden in de belastbare grondslag.
Het toepasselijke belastingtarief bedraagt, net zoals voor het voordeel van alle aard, 25%.



