De referentie‑CO₂‑uitstoot wordt elk jaar bij koninklijk besluit (KB) vastgesteld. Hieronder een overzicht voor inkomstenjaar 2026:
| Referentie CO2-uitstoot | |
|---|---|
| Type voertuig | Inkomstenjaar 2026 (Aanslagjaar 2027) |
| Benzine, LPG, aardgas | 70 g/km |
| Diesel | 58 g/km |
Het voordeel alle aard wordt berekend op basis van de cataloguswaarde en de CO₂‑uitstoot van de wagen (zie 1.1), vermenigvuldigd met een ouderdomscoëfficiënt (zie 1.2).
Een bedrag gelijk aan 6/7 van deze cataloguswaarde wordt vermenigvuldigd met een coëfficiënt die afhangt van de CO₂‑uitstoot van de wagen.
Deze coëfficiënt werd vastgesteld op 5,5% bij een CO₂‑uitstoot van 58 g/km voor een dieselwagen en van 70 g/km voor een benzinewagen of voor een wagen aangedreven op LPG of aardgas.
Deze coëfficiënt wordt verhoogd of verlaagd met 0,1% per gram CO₂/km meer of minder, zonder dat hij lager mag zijn dan 4% of hoger dan 18%.
| Berekeningsformule voor inkomstenjaar 2026 | |
|---|---|
| Type voertuig | Formule |
| Benzine, LPG, aardgas | Cataloguswaarde × [5,5 + ((CO₂-uitstoot − 70) × 0,1)]% × 6/7 × ouderdomscoëfficiënt |
| Diesel | Cataloguswaarde × [5,5 + ((CO₂-uitstoot − 58) × 0,1)]% × 6/7 × ouderdomscoëfficiënt |
De referentie CO2-uitstoot vormt een belangrijk element bij de berekening van het voordeel alle aard voor bedrijfswagens.
| Referentie CO2-uitstoot | ||
|---|---|---|
| Type voertuig | Inkomstenjaar 2025 (Aanslagjaar 2026) | Inkomstenjaar 2026 (Aanslagjaar 2027) |
| Benzine, LPG of aardgas | 71 g/km | 70 g/km |
| Diesel | 59 g/km | 58 g/km |
De berekening van het voordeel wordt aangepast in functie van de leeftijd van het voertuig: de cataloguswaarde van het voertuig wordt verminderd met 6% per kalenderjaar, te rekenen vanaf de datum van indienststelling, zonder dat deze berekeningsbasis lager mag zijn dan 70%.
| Ouderdom | Percentage |
|---|---|
| 0–12 maanden | 100% |
| 13–24 maanden | 94% |
| 25–36 maanden | 88% |
| 37–48 maanden | 82% |
| 49–60 maanden | 76% |
| Vanaf 61 maanden | 70% |
Deze afschrijving is van toepassing op tweedehandswagens, evenals op voertuigen die nieuw werden aangekocht, rekening houdend met het aantal maanden dat verstreken is sinds de eerste inschrijving van het voertuig bij de DIV.
Voor volledig elektrische voertuigen wordt het voordeel alle aard forfaitair berekend als:
Cataloguswaarde × 4% × 6/7 × ouderdomscoëfficiënt (zie 1.2)
Voor hybride wagens wordt het voordeel berekend op basis van de CO₂‑uitstoot. Voor elektrische wagens bedraagt dit percentage echter altijd 4%.
Voor zogenaamde ‘valse hybrides’ die worden aangekocht of geleased vanaf 1 januari 2018, moet het voordeel alle aard voortaan worden berekend op basis van de CO₂‑uitstoot van het overeenkomstige model met een verbrandingsmotor. Indien er geen overeenkomstig model met een klassieke aandrijving bestaat, moet de CO₂‑uitstoot van het hybride voertuig worden vermenigvuldigd met 2,5.
Een hybride voertuig wordt beschouwd als een ‘valse hybride’ wanneer de energiecapaciteit van dit oplaadbare hybride voertuig minder bedraagt dan 0,5 kWh per 100 kg of wanneer de CO₂‑uitstoot hoger is dan 50 g/km. De criteria voor het bepalen van het overeenkomstige model zijn gepubliceerd in het KB van 5 september 2019, BS van 17 september 2019.
Een oplaadbare hybride wagen is een voertuig dat zowel is uitgerust met een verbrandingsmotor als met een elektrische batterij die kan worden opgeladen via een externe energiebron.
De verplichting om het overeenkomstige model te bepalen rust op de fabrikant of invoerder. Zij moeten alle nodige informatie (met inbegrip van de vergelijking van alle in aanmerking komende types) aan de fiscale administratie meedelen bij de lancering van het voertuig op de markt. De informatie met betrekking tot bestaande modellen moest worden meegedeeld vóór 20 april 2020.
De fiscale administratie heeft inmiddels de lijst gepubliceerd.
Het voordeel kan bovendien nooit lager zijn dan:
Consulteer onze berekeningstool Voordeel alle aard bedrijfswagen.