Vraag nu je attesten voor de investeringsaftrek aan
Vraag nu je attesten voor de investeringsaftrek aan
Heb je sinds 1 januari 2025 geïnvesteerd of plan je binnenkort nieuwe activa aan te schaffen? Dan kun je mogelijks gebruikmaken van de vernieuwde investeringsaftrek.
Let daarbij zeker op dat je op tijd de attesten aanvraagt voor milieuvriendelijke investeringen in onderzoek en ontwikkeling (met het oog op toepassing van de zgn. ‘technologieaftrek’) én voor energiebesparende investeringen (d.i. de ‘thematische aftrek’). In het Zomerakkoord werd weliswaar vooropgesteld om de attesteringsplicht voor milieuvriendelijke investeringen in O&O af te schaffen, maar vandaag is dat nog niet in voege. Voor een overzicht van de versoepelingen inzake de investeringsaftrek en de brede waaier aan overige fiscale maatregelen uit het Zomerakkoord, verwijzen we naar dit artikel.
Voor investeringen vanaf 1 januari 2025 is de regeling zelfs strenger: de attesten moeten voortaan verplicht worden toegevoegd aan de aangifte vennootschapsbelasting. Dit geldt tot de aangekondigde afschaffing wordt doorgevoerd. Het volstaat voor toepassing van de technologieaftrek dus niet langer om het attest louter ter beschikking van de administratie te houden. Voor bepaalde investeringen moet vooraf ook een energiestudie of audit worden uitgevoerd.
In de regel moet in Vlaanderen het relevante attest voor de toepassing van de thematische aftrek worden aangevraagd bij het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap VEKA binnen de drie maanden na het einde van het belastbare tijdperk waarin de vaste activa zijn aangeschaft of tot stand gebracht. Voor investeringsprojecten die meerdere belastbare tijdperken bestrijken, kan een investeringscertificaat worden aangevraagd, eveneens binnen de drie maanden na de laatste dag van het belastbare tijdperk waarin het project is aangevat. Voor vennootschappen die net hun boekjaar hebben afgesloten op 31 december 2025, moet het relevante attest dus worden aangevraagd vóór 31 maart 2026.
Let wel op dat vanwege de vertraagde regeringsvorming het KB van 28 juli 2025 in een uitzonderlijke verlenging voorziet voor activa aangeschaft/voltooid tussen 1 januari 2025 en 30 juni 2026, en voor projecten aangevat vóór 1 juli 2026, geldt een aanvraagtermijn van twaalf maanden na afsluiting van het boekjaar. Er geldt wel een uiterste vervaldatum van 30 juni 2026, waarbij de termijn weliswaar nooit korter kan zijn dan de normale drie maanden. Investeringen en/of projecten die gebruikmaken van de technologieaftrek zijn niet opgenomen binnen dat KB en kunnen bijgevolg niet genieten van dit tijdelijk gunstregime.
Concreet: bij een boekjaar dat eindigt op 31 mei 2025 kan een attest worden aangevraagd tot 31 mei 2026; bij een boekjaar per 31 december 2025 is de uiterste datum 30 juni 2026; en bij een boekjaar per 31 mei 2026 geldt terug de normale drie maanden termijn, tot 31 augustus 2026.
Voor investeringen uit de energie-investeringslijst na 30 juni 2026 moet dus de strikte deadline van 3 maanden nauwkeuring worden opgevolgd. Als je attesten te laat aanvraagt, kun je de verhoogde thematische aftrek voor de betrokken investering immers niet meer toepassen en loop je dus mogelijks een aanzienlijk belastingvoordeel mis. In dat geval kun je, tenzij je een grote onderneming bent, enkel nog de basisaftrek toepassen (aan een veel lager tarief – zie verder).
We staan je graag bij in de analyse van de mogelijke toepasselijkheid van de investeringsaftrek, evenals de aanvraag van de vereiste attesten, zodat alles tijdig en correct verloopt en je hieruit maximaal fiscaal voordeel haalt.
De volledige hervorming van de investeringsaftrek vatten wij nog kort hieronder samen.
De vernieuwde aftrek met ingang vanaf 1 januari 2025 bestaat uit drie pijlers: de basisaftrek, de thematische aftrek en de technologieaftrek. Centraal in de hervorming staat het vastzetten van tarieven die voorheen jaarlijks varieerden, alsook een vereenvoudiging van de verschillende investeringscategorieën. Hieronder vind je de kernpunten van de vernieuwde investeringsaftrek:
Er zijn vier categorieën met afzonderlijke lijsten die elke 3 jaar geactualiseerd worden:
Bepaalde investeringen/ investeerders zijn expliciet uitgesloten van deze thematische aftrek.
Voor de gespreide O&O-aftrek geldt een tarief van 20,5% voor de afschrijving die in aanmerking werd genomen voor desbetreffend boekjaar.
Met ingang vanaf 1 januari 2025 geldt er ook geen beperking meer op de overgedragen investeringsaftrek. Hierdoor kunnen zij in het boekjaar optimaal worden benut zonder de voorgaande beperkingen. Deze bepaling werd tevens ook goedgekeurd in de wet van 18 december 2025.
Overigens bestaat nog de mogelijkheid om voor deze investeringen te opteren voor een terugbetaalbaar belastingkrediet in plaats van de technologieaftrek. Voor kmo’s die het verlaagde vennootschapsbelastingtarief van 20% genieten, kan dit fiscaal voordeliger zijn, omdat het belastingkrediet wordt verrekend aan het standaardtarief van 25%. Bovendien kan, in geval van een verlieslatende positie, het niet-gebruikte belastingkrediet (na 4 jaar) worden terugbetaald in tegenstelling tot een continue opstapeling van ongebruikte investeringsaftrekken. Deze optie kan dus interessant zijn om te overwegen. Echter, de keuze voor het belastingkrediet met betrekking tot een bepaalde investering is onherroepelijk en onomkeerbaar, men kan dan voor diezelfde investering het stelsel van de investeringsaftrek niet meer toepassen.
Onderstaand vind je nog een samenvattende tabel van de tarieven:
Let daarbij zeker op dat je op tijd de attesten aanvraagt voor milieuvriendelijke investeringen in onderzoek en ontwikkeling (met het oog op toepassing van de zgn. ‘technologieaftrek’) én voor energiebesparende investeringen (d.i. de ‘thematische aftrek’). In het Zomerakkoord werd weliswaar vooropgesteld om de attesteringsplicht voor milieuvriendelijke investeringen in O&O af te schaffen, maar vandaag is dat nog niet in voege. Voor een overzicht van de versoepelingen inzake de investeringsaftrek en de brede waaier aan overige fiscale maatregelen uit het Zomerakkoord, verwijzen we naar dit artikel.
Voor investeringen vanaf 1 januari 2025 is de regeling zelfs strenger: de attesten moeten voortaan verplicht worden toegevoegd aan de aangifte vennootschapsbelasting. Dit geldt tot de aangekondigde afschaffing wordt doorgevoerd. Het volstaat voor toepassing van de technologieaftrek dus niet langer om het attest louter ter beschikking van de administratie te houden. Voor bepaalde investeringen moet vooraf ook een energiestudie of audit worden uitgevoerd.
In de regel moet in Vlaanderen het relevante attest voor de toepassing van de thematische aftrek worden aangevraagd bij het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap VEKA binnen de drie maanden na het einde van het belastbare tijdperk waarin de vaste activa zijn aangeschaft of tot stand gebracht. Voor investeringsprojecten die meerdere belastbare tijdperken bestrijken, kan een investeringscertificaat worden aangevraagd, eveneens binnen de drie maanden na de laatste dag van het belastbare tijdperk waarin het project is aangevat. Voor vennootschappen die net hun boekjaar hebben afgesloten op 31 december 2025, moet het relevante attest dus worden aangevraagd vóór 31 maart 2026.
Let wel op dat vanwege de vertraagde regeringsvorming het KB van 28 juli 2025 in een uitzonderlijke verlenging voorziet voor activa aangeschaft/voltooid tussen 1 januari 2025 en 30 juni 2026, en voor projecten aangevat vóór 1 juli 2026, geldt een aanvraagtermijn van twaalf maanden na afsluiting van het boekjaar. Er geldt wel een uiterste vervaldatum van 30 juni 2026, waarbij de termijn weliswaar nooit korter kan zijn dan de normale drie maanden. Investeringen en/of projecten die gebruikmaken van de technologieaftrek zijn niet opgenomen binnen dat KB en kunnen bijgevolg niet genieten van dit tijdelijk gunstregime.
Concreet: bij een boekjaar dat eindigt op 31 mei 2025 kan een attest worden aangevraagd tot 31 mei 2026; bij een boekjaar per 31 december 2025 is de uiterste datum 30 juni 2026; en bij een boekjaar per 31 mei 2026 geldt terug de normale drie maanden termijn, tot 31 augustus 2026.
Voor investeringen uit de energie-investeringslijst na 30 juni 2026 moet dus de strikte deadline van 3 maanden nauwkeuring worden opgevolgd. Als je attesten te laat aanvraagt, kun je de verhoogde thematische aftrek voor de betrokken investering immers niet meer toepassen en loop je dus mogelijks een aanzienlijk belastingvoordeel mis. In dat geval kun je, tenzij je een grote onderneming bent, enkel nog de basisaftrek toepassen (aan een veel lager tarief – zie verder).
We staan je graag bij in de analyse van de mogelijke toepasselijkheid van de investeringsaftrek, evenals de aanvraag van de vereiste attesten, zodat alles tijdig en correct verloopt en je hieruit maximaal fiscaal voordeel haalt.
De volledige hervorming van de investeringsaftrek vatten wij nog kort hieronder samen.
De vernieuwde aftrek met ingang vanaf 1 januari 2025 bestaat uit drie pijlers: de basisaftrek, de thematische aftrek en de technologieaftrek. Centraal in de hervorming staat het vastzetten van tarieven die voorheen jaarlijks varieerden, alsook een vereenvoudiging van de verschillende investeringscategorieën. Hieronder vind je de kernpunten van de vernieuwde investeringsaftrek:
Basisaftrek (geldt enkel voor kmo’s en eenmanszaken)
De basisaftrek neemt de plaats in van de vroegere ‘gewone’ investeringsaftrek. Het tarief bedraagt 10% op de aanschaffingswaarde voor kmo’s en eenmanszaken. Investeringen met een negatieve impact op milieu of klimaat zijn uitgesloten, tenzij er geen economisch gelijkwaardig alternatief bestaat.
Voor digitale vaste activa geldt een verhoogd basistarief van 20% op de aanschaffingswaarde. Voorbeelden uit deze categorie van investeringen zijn onder meer beveiligingsoplossingen en digitale betalingsinfrastructuur (waaronder ook in het licht van e-invoicing die verplicht werd ingevoerd vanaf 1 januari 2026).
Thematische aftrek
De thematische aftrek voorziet in een hoger percentage van 40% voor natuurlijke personen en kleine vennootschappen evenals voor grote vennootschappen vanaf aanslagjaar 2027 (cf. voor aanslagjaar 2026 bedraagt het tarief voor grote ondernemingen 30%).Er zijn vier categorieën met afzonderlijke lijsten die elke 3 jaar geactualiseerd worden:
- Energie-investeringslijst: efficiënt energieverbruik en hernieuwbare energie (attest vereist)
- Vervoer-investeringslijst: koolstofemissievrij vervoer
- Milieu-investeringslijst: milieuvriendelijke investeringen
- Investeringslijst voor digitale ondersteuning verwant met voorgaande categorieën: software en bijhorende apparatuur
Bepaalde investeringen/ investeerders zijn expliciet uitgesloten van deze thematische aftrek.
Technologieaftrek O&O (attest vereist)
De eenmalige technologieaftrek bedraagt 13,5% op de aanschaffingswaarde en vervangt de vroegere verhoogde investeringsaftrek voor octrooien en milieuvriendelijke O&O-investeringen. Net als voorheen is een attest vereist om het milieuvriendelijke karakter van de investering te bevestigen. Nieuw is dat dit attest moet worden toegevoegd aan de aangifte vennootschapsbelasting.Voor de gespreide O&O-aftrek geldt een tarief van 20,5% voor de afschrijving die in aanmerking werd genomen voor desbetreffend boekjaar.
Met ingang vanaf 1 januari 2025 geldt er ook geen beperking meer op de overgedragen investeringsaftrek. Hierdoor kunnen zij in het boekjaar optimaal worden benut zonder de voorgaande beperkingen. Deze bepaling werd tevens ook goedgekeurd in de wet van 18 december 2025.
Overigens bestaat nog de mogelijkheid om voor deze investeringen te opteren voor een terugbetaalbaar belastingkrediet in plaats van de technologieaftrek. Voor kmo’s die het verlaagde vennootschapsbelastingtarief van 20% genieten, kan dit fiscaal voordeliger zijn, omdat het belastingkrediet wordt verrekend aan het standaardtarief van 25%. Bovendien kan, in geval van een verlieslatende positie, het niet-gebruikte belastingkrediet (na 4 jaar) worden terugbetaald in tegenstelling tot een continue opstapeling van ongebruikte investeringsaftrekken. Deze optie kan dus interessant zijn om te overwegen. Echter, de keuze voor het belastingkrediet met betrekking tot een bepaalde investering is onherroepelijk en onomkeerbaar, men kan dan voor diezelfde investering het stelsel van de investeringsaftrek niet meer toepassen.
Onderstaand vind je nog een samenvattende tabel van de tarieven: